Tijdens de Tweede Wereldoorlog, tussen 1940 en 1945, was Nederland bezet door de Duitsers. Aan de westkust van Europa stonden ook België, Frankrijk, Noorwegen en Denemarken onder Duitse bezetting. De Duitsers waren bang dat de geallieerden, de landen die tegen Duitsland vochten, waaronder Engeland en Amerika, via zee Europa zouden binnenvallen. Daarom begonnen ze langs de hele westkust van Europa een enorme verdedigingslinie te bouwen. Het leek op de kaart van Europa alsof er langs de kust vanaf het noorden van Noorwegen tot aan het zuiden van Frankrijk een ‘muur’ van verdedigingswerken werd opgetrokken met een lengte van meer dan 5.000 kilometer. Bestaande uit bunkers, kanonnen, loopgraven en obstakels op het strand, zoals prikkeldraad en stalen hindernissen.
De Duitsers noemden dit de Atlantikwall, dat vrij vertaald Atlantische muur betekend, maar het was natuurlijk niet letterlijk een verdedigingsmuur. Het idee was dat de vijand nergens veilig kon landen, omdat ze overal werden tegengehouden door de tienduizenden verdedigingswerken. De Duitse propaganda schetste het beeld dat de Atlantikwall ondoordringbaar was.
In Normandië, eenkustgebied in Frankrijk, was de Atlantikwall ook uitgebouwd, maar niet overal helemaal af en sterk. Op 6 juni 1944 was D-day, de afkorting voor Decision Day. Dit was de dag dat de geallieerden met een enorm grote en goed voorbereide aanval toch aan land kwamen. De doorbraak was het begin van het einde voor Duitsland, dat nu op twee fronten tegelijk moest vechten: in het westen tegen de geallieerden en in het oosten tegen de Sovjet-Unie.
Ook in Nederland stonden duizenden bunkers, verspreid langs de kust. Veel zijn er na de oorlog gesloopt, maar in de duinen zijn nog altijd resten van de Atlantikwall te vinden. Vooral de gewapend betonnen bunkers met muren en daken van twee tot drie meter dik zijn indrukwekkend om te zien. Sommige bunkers liggen metersdiep verborgen onder het zand, andere zijn als museum toegankelijk voor bezoekers, zoals op Bunkerdag. De bouwwerken zijn een fysieke herinnering aan de donkere periode van de bezettingstijd.